Er zijn veel verschillende meningen over krachttraining voor vechtsport. Krachttraining voor vechtsport kan grote voordelen bieden zolang er rekening wordt gehouden met de specifieke behoeften van de sport en de werking van spieren en kracht in vechtsporten. Bij verkeerde toepassing kan een verkeerde vorm van krachttraining juist prestaties bij vechtsport verslechteren. Vanuit de historie en archeologische vondsten zien we dat er in verschillende landen, verschillende culturen en verschillende krijgstechnieken ook verschillende manieren van weerstand werd ingezet is om stootkracht te vergroten. Voorbeelden volop. Verschillende vechtsporters gebruiken verschillende spieren en combinaties van spieren om een stoot te maken. De uitvoering verschilt per stijl, maar ook per beoefenaar. Standaard stoten zoals een rechter directe, uppercut en hoek zijn bewegingen waarbij een keten van spieren en gewrichten zijn betrokken. De enkel-, knie- en heupgewrichten genereren de kracht (“Triple extension”) vanuit de grond welke vervolgens overgenomen en vergroot wordt door de romp, schouder en arm. Hard kunnen slaan, is vooral afhankelijk van hoe succesvol deze keten is in het synchroniseren van bewegingen. Bij boksen bijvoorbeeld gebruiken minder ervaren vechters de romp en arm en in veel grotere mate dan ervaren boksers die de benen en romp meer inschakelen. Bij krachttraining voor vechtsport is het belangrijk deze samenwerking van spieren te identificeren en je training hierop aan te passen door middel van samengestelde oefeningen. Er zijn echter veel meer samengestelde oefeningen te bedenken die bovendien de nadruk leggen op het volgende belangrijke punt: Explosiviteit. Een goede vechter moet proberen zoveel mogelijk massa in zo’n kort mogelijk tijd in beweging te krijgen. Door regelmatig explosief te trainen, krijgt het lichaam een grotere behoefte aan de supersnelle type IIB vezels waardoor deze in aantal kunnen stijgen. Het vergroten van de maximaalkracht geen functie heeft binnen vechtsport. Vooral in sporten met werp- en klemtechnieken zoals worstelen, MMA, judo, jiu jitsu, freefight etc. zijn het niet alleen explosieve bewegingen, maar ook langere acties waarbij het kracht tegen kracht is. Een andere manier van trainen die je kunt gebruiken om de prestaties bij je vechtsport te verbeteren, is plyometrisch trainen. Bij vechtsport wil je in zo min mogelijk tijd zoveel mogelijk kracht genereren. Voor een stoot of en trap heb je geen uren de tijd, dus je moet deze zo snel mogelijk en met zoveel mogelijk kracht uitvoeren. Het principe van plyometrisch trainen is hetzelfde. Ook hier is de training gericht op het genereren van zoveel mogelijk kracht in een zo kort mogelijk tijdsbestek. Plyometrisch trainen wordt daarom ook weleens explosiviteitstraining genoemd. Veel topsporters, ook in andere sporten dan vechtsport, gebruiken plyometrische trainingen om hun prestaties te verbeteren. Met dit soort oefeningen, train je niet alleen je spierkracht maar ook je explosiviteit. En juist dat laatste kan je helpen met het verbeteren van je stoten, trappen. Je kunt deze oefeningen natuurlijk aanvullen, afhankelijk van de vechtsport en stijl die je beoefent. Krachttraining kan, zoals je hebt gelezen, een hele mooie aanvulling zijn op vechtsport. Het kan jouw prestaties in de vechtsport zeker ondersteunen. Zorg ervoor dat je voor jezelf een goed krachttrainingsschema opstelt dat is afgestemd op jouw doelen en bewegingen in de vechtsport. Zo kun je met krachttraining jouw kracht en explosiviteit verbeteren, waardoor jij straks met gemak elke tegenstander verslaat!