Er is een dunne lijn tussen zelfverdediging en eigen rechter spelen. Zelfverdediging heet in het strafrecht noodweer of noodweerexces. Zelfverdediging met gepast geweld wordt noodweer genoemd. De rechter kijkt daarbij of het noodweer in verhouding stond tot de dreiging (‘proportionaliteit’) en of degene die bedreigd werd, ook iets anders had kunnen doen. Naast noodweer bestaat er nog noodweerexces. Bij noodweerexces gaat het in de regel om hevige emoties, waardoor het niet mogelijk is om kalm en rationeel te reageren. De mens heeft het recht om zichzelf en zijn of haar dierbaren tegen agressie en dodelijk letsel te beschermen. Noodweerexces is het overschrijden van de grenzen van noodzakelijk geweld ter verdediging. Simpel gezegd: onnodig doorslaan, bijvoorbeeld als je aanvaller al is uitgeschakeld of als je weg kunt komen zonder jezelf in de problemen te brengen. Noodweerexces wordt alleen geoorloofd wanneer aannemelijk gemaakt kan worden dat de belager een hevige gemoedswisseling bij je teweeg heeft gebracht. In de praktijk zien we noodweerexces in het gebruik bij onder meer verkrachtingen, ernstige mishandeling van naasten of vergelijkbare zaken. Voor de rechter moet zeer duidelijk aannemelijk gemaakt worden dat iemand niet anders kon dan terugvechten om in veiligheid te zijn. Dan is er nog putatief noodweer. Putatief betekend ingebeeld. Het gaat dus om een situatie waarin wordt gedacht dat er een noodsituatie bestaat, terwijl dit niet het geval is. Bij putatief noodweer is de verdachte niet strafbaar vanwege afwezigheid van alle schuld. Kan een burger iemand staande houden? Wat is proportioneel geweld? Wat betekent verhuftering? Wat zegt de ethiek over zelfverdediging? Wat is Politiegeweld? Wat is een dreigcultuur? Neemt het geweld toe op straat? Wat is straatgeweld?